Het Rijk, de provincies en de gemeenten moeten voor hun grondgebied een omgevingsvisie opstellen. Dit alleen zelfbindende beleidsinstrument komt in plaats van de gebiedsdekkende structuurvisies, de relevante delen van de natuurvisie, verkeers- en vervoersplannen, strategische delen van nationale en provinciale waterplannen en milieubeleidsplannen.

Voor de provincie en het rijk is 1 provinciale respectievelijk nationale omgevingsvisie voor het grondgebied verplicht, terwijl in het huidige wetsvoorstel voor gemeenten het vaststellen van een omgevingsvisie vrijwillig is. Een omgevingsvisie bindt alleen het rijk, de provincie of gemeente zelf en heeft als inhoud:

  1. de hoofdlijnen van:
    • de voorgenomen ontwikkeling
    • het gebruik
    • het beheer
    • de bescherming
    • het behoud van het grondgebied
  2. de hoofdzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid in de complexe dynamiek van de moderne maatschappij.